“100 jarig” in gesprek met de schrijver van Malle Fratsen.

a

Voor de leden van Toneelvereniging Excelsior is het elke woensdagavond druk repeteren om de klucht “Malle Fratsen” onder de Nicoknie te krijgen. We vroegen ons af wié is de persoon die deze voorstelling heeft geschrevenen, we vroegen het aan hem zelf: Nico Torrenga, hieronder de antwoorden op ons korte interview met hem.

Wie ben je en wat heeft je doen besluiten om toneelschrijver te worden?

Ik ben geboren in 1971 in Wehe Den Hoorn (Groningen) en in mijn familie zijn allemaal amateurtoneelspelers. Als klein kind zat ik al 1 uur voor de voorstelling voor het doek vol spanning te wachten als mijn ouders moesten spelen. Toen ik 18 werd ben ik zelf bij de club gaan spelen en meteen werd duidelijk dat ik het liefst typetjes speel. Op een gegeven moment heeft mijn werk en huisje boompje beestje roet in het toneelleven gegooid. Toen mijn echtgenote op 30 jarige leeftijd ernstig ziek werd en onze toekomst zeer onzeker was heb ik mijzelf volledig toegewijd aan het gezin en vijf jaar later kreeg ik een burn-out. Tijdens mijn praatsessies werd duidelijk dat ik iets miste in mijn leven en al snel werd duidelijk dat ik weer toneel wilde spelen.

Wat was de aanleiding/inspiratie om het stuk Malle Fratsen te gaan schrijven?

Nadat ik in Appingedam een toneelclub had gevonden om weer te gaan spelen kwamen we op het punt dat we te weinig leden hadden om een geschikt toneelstuk te vinden en ik dacht misschien kan ik zelf wel een stuk schrijven. Na het schrijven van mijn eerste klucht ”Morgen ben ik de bruid” heb ik deze ingezonden naar Uitgever Vink en deze werd goedgekeurd. Van het ene stuk kwam het andere en zo raakte ik verslaafd aan het schrijven. Mijn uitgever kwam met het verzoek om een klucht te schrijven voor 6 personen. Malle fratsen heb ik in 2 weken geschreven en opgestuurd. Afgekeurd. Herschreven. Weer afgekeurd, frustratie alom. 3 Weken op de plank laten liggen en tijdens een wandeling kwam hij binnen en voilà goedgekeurd. Bijna had ik op delete gedrukt maar de uitgever zag potentie en nu is het stuk al door 5 verenigingen gespeeld en er komt zeer binnenkort een versie uit voor 8-9 personen.

Is het ongemakkelijk of juist inspirerend om door jezelf geschreven stukken te zien spelen?

Mijn eigen werk zien is mooi, bijzonder doch lastig. Ligt aan het uitspelen, taalgebruik. Ik hou niet van grof, vloeken, etc. Ik ben meer van het uitspelen van typetjes, mimiek en lichaamstaal. Voor humor is geen vloeken of ander ordinair gedoe voor nodig. Ik geniet van het spel als de spelers en het publiek genieten. Spannend is het of mijn humor over komt, begrepen wordt. Ik ben een beelddenker, speel zelfs tijdens het schrijven (vrouw ligt soms dubbel om mij, klucht op zich).

Bedankt Nico voor dit korte interview. Nu we kennis met je gemaakt hebben kunnen we met nog meer passie je klucht op de planken zetten.

We wensen alle lezers een fijne zomervakantie en als u tijd hebt kijk ook eens op onze website:

excelsiorzeeland.nl of onze facebookpagina Toneelvereniging Excelsior Zeeland.

Benieuwd naar de vorderingen van “Malle fratsen”? Blijf ons volgen in het volgende Rookelijzer.

Hou deze data alvast vrij: 12, 13, 19 en 20 oktober.

Truus van der Loop,

aa

a

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *